zondag 21 april 2013

Filmverslag

In een filmverslag is het belangrijk dat je bij sommige vragen je eigen woorden gebruikt. Dat geldt voor de vragen: B1, B2, B6, B7 en C1



A Verplichte onderdelen:     
1.      Datum filmverslag                  
2.      De titel van de film                  
3.      De maker van de film                 
4.      Het genre (wat voor soort film
is het. Zie onder.)                                            



B Inhoud:
1.      Samenvatting van de inhoud: minimaal 1 A viertje(getypt, ongeveer 600 woorden).                                                
2.      Beschrijving van de belangrijkste personen in de film(denk aan het uiterlijk en karakter van de hoofdpersonen in de film)   
3.      Waar speelt het zich af? (op school, in een bepaalde plaats, een streek in een bepaald land, enz.)        
4.      In welke tijd speelt het zich af? Speelt het verhaal zich in chronologische volgorde af? (zonder dat er elke keer sprongen in
de tijd gemaakt worden). Of zijn er elke keer “flashbacks” naar het verleden of misschien wel sprongen naar de toekomst?             5.      Begint de film met een inleiding, een gebeurtenis of begint de film op een andere wijze?                                    
6.      Heeft de film een open of gesloten einde? Leg dit uit.                 
7.      Verklaar de titel. Wat betekent de titel?                                  

C Beoordeling:
1.      Wat vind je van de film? Gebruik beoordelingswoorden zoals:
spannend, romantisch, realistisch. Schrijf hierbij wel op waarom
je dat vindt. Geef je mening in minimaal 10 zinnen.                          

D Verzorging van je filmverslag:
1.      Ontwerp een mooie (unieke) voorkant op je laptop. Zet hier ook je naam.   
2.      Gebruik lettertype Verdana, grootte 11.                                     
3.      Informatie over de maker van de film.                                        

Je punt
Je punt wordt als volgt samengesteld. Je kunt in totaal 80 punten scoren. Je punt is je totaal gedeeld door 8. 

In totaal kun je 80 punten scoren. 

Bij vraag 4 van Verplichte onderdelen:
Maak een keuze uit de onderstaande genres.

... detective / thriller
... reisverhaal
... historisch verhaal
... avonturenverhaal
... science fiction
... verhaal over dieren
... liefdesverhaal
... verhaal over leven van één bepaalde persoon
... oorlogsverhaal
... dagboek
... spionage
... streekroman
... humoristisch verhaal
... verhaal over hoe mensen met elkaar omgaan
... anders, namelijk: .................................................

Bij vraag 3 van Verzorging van je filmverslag:
Deze gegevens kun je natuurlijk van internet plukken. Denk hierbij aan geboortestad en -land van de regisseur. Geboorte- en (eventueel) sterfdatum. Belangrijke andere films die hij of zij heeft gemaakt.

woensdag 6 februari 2013

Surfschein





 Bild: Ansicht Surfschein




Du kennst Dich aus im Netz? Weißt, wie man eine Suchmaschine bedient und was ein Server ist? Grau ist alle Theorie. Surf mit uns auf der Datenautobahn und zeig, was du kannst.

Hier holst du dir den Führerschein fùrs Web.



Fùr Fortgeschrittene


zondag 27 januari 2013

Hörverstehen Modellsatz A2/B1 DSD1 Teil1 Straßenszenen

Teil 1 Straßenszenen

 Du hörst gleich fünf Szenen. Alle Szenen spielen auf der Straße. Zu jeder Szene gibt es drei Bilder.
Welches Bild passt? Kreuze beim Hören zu jeder Szene das richtige Bild an (A oder B oder C).
Danach hörst du die Szenen noch einmal.

Szene 1 Sieh dir zuerst die Bilder an. Du hast dafür 6 Sekunden Zeit.

 

 
               A                               B                                    C


Szene 2 Sieh dir zuerst die Bilder an. Du hast dafür 6 Sekunden Zeit.

 


             A                                 B                                   C 


Szene 3 Sieh dir zuerst die Bilder an. Du hast dafür 6 Sekunden Zeit.

 
  
              A                                  B                               C


Szene 4 Sieh dir zuerst die Bilder an. Du hast dafür 6 Sekunden Zeit.


 


             A                                 B                                    C


Szene 5 Sieh dir zuerst die Bilder an. Du hast dafür 6 Sekunden Zeit.



             A                                   B                                   C